Is een Cavaliertje de hond voor mij?

 

Cavalier King Charles Spaniels zijn echte gezelschapshonden en houden ervan mensen en kinderen om zich heen te hebben. Ze zijn van nature zachtaardig, vriendelijk en sportief. Agressie komt in hun woordenboek niet voor.  Ze vinden het heerlijk om mee te gaan op een flinke wandeling om na afloop op schoot of op een stoel in slaap te vallen, waarbij ze soms slim en eigenwijs genoeg kunnen zijn om in de beste stoel of op de beste bank te gaan liggen. Na enige gewenning, wat zo jong mogelijk het beste is, kunnen zij het ook goed vinden met andere huisdieren.
De naam “Cavalier” wordt net zo uitgesproken als je het schrijft. Het is dus geen ‘cavaljéé’!

De Cavalier is een hond, die zich gemakkelijk aanpast aan allerlei situaties. Op een flat in de stad of buiten in een huis met tuin, dat maakt hem niet uit. Als hij maar niet vaak alleen hoeft te zijn en op tijd vrij kan rennen en dus voldoende wordt uitgelaten. Dat mag een klein ommetje zijn of een grote wandeling, want een volwassen Cavalier heeft een goed uithoudingsvermogen. Ze zijn slim en leren over het algemeen snel. Vooral dingen die zij leuk vinden. Veel Cavaliers zijn dol op spelletjes. Op de Behendigheidsport (Agility) en de Gehoorzaamheidcursussen die bij diverse Kynologenclubs en hondenscholen worden gegeven zijn dan ook heel vaak Cavaliers te vinden, waarvan sommigen ook op wedstrijdniveau heel goed presteren. Kortom, de Cavalier is geschikt voor alleenstaanden, voor gezinnen, ook met kinderen en ook heel bijzonder voor ouderen, die vaak een groot ras gehad hebben en nu een kleinere hond willen hebben.
De Cavalier houdt er niet van om lang alleen te zijn. Zeker niet als hij jong is. Schaf dus geen pup aan als je door werk of andere omstandigheden genoodzaakt bent hem langere periodes alleen te moeten laten. Daar wordt hij erg ongelukkig van en kan om toch te proberen aandacht te krijgen allerlei vervelende gewoontes gaan aanleren, zoals voortdurend blaffen of in het meubilair gaan bijten en vernielen.

Cavaliers zijn er in vier erkende kleuren:
BLENHEIM          
Diep kastanjekleurige aftekening, goed gebroken op een parelwitte ondergrond.  
RUBY                 
Helemaal diep kastanje of rood gekleurd.
TRICOLOUR        
Zwart en wit, goed verdeeld en ‘gebroken’ met een ‘tan’ (kastanjekleurige) aftekening boven de ogen, op de wangen, aan de binnenkant van de oren, aan de binnenkant van de benen en onder de staart.  
BLACK AND TAN
Ravenzwart met ‘tan’ aftekening boven de ogen, op de wangen, aan de binnenkant van de oren, op borst en benen en onder de staart.  

 

Wat wordt het . . . . . een reu of een teef?

 

Of je nu kiest voor een reutje of voor een teefje, ze zijn beiden even lief van karakter. Reuen zijn zelfs vaak nog grotere knuffels als teven (zegt men..) Ook zijn er weinig karakterverschillen in de verschillende kleuren. Iedere Cavalier, van welke kleur ook, heeft zijn eigen lieve en soms eigenwijze karakter. Dat kan per hond verschillen en heeft niets met de kleur te maken.

  • Alle cavaliers verharen tweemaal per jaar.
  • Teefjes verharen (door hun hormonale huishouding) soms wat vaker dan reuen.
  • Teefjes zijn meestal wat kleiner dan reuen. Ze worden ongeveer ieder half jaar loops.  Ze verliezen dan een dag of tien wat bloed en zijn dan zeer aantrekkelijk voor reuen, hetgeen soms wel 3 weken kan duren.
  • Teefjes worden soms (dan kan per hond zeer verschillend zijn) als ze wat ouder zijn wat rustiger dan de reuen.
  • Reutjes zijn meestal wat forser dan de teefjes. Ze hebben de neiging om bij het wandelen over ieder plasje of geur hun eigen geur te willen zetten door een klein plasje te doen. Dit kan heel vaak voorkomen worden door het van jongs af aan sterk te ontmoedigen en de pup/hond op te voeden.   Ook blijven reuen op oudere leeftijd vaak actiever dan teven.

Heb je al een hond dan is het verstandig om een pup van hetzelfde geslacht te nemen. Zo kun je tijdens de loopsheid van het teefje problemen en eventuele ‘ongelukjes’ voorkomen. In ‘gemengd gezelschap’ moet daar tijdens de loopsheid van het teefje zeer goed op gelet worden.  Een ongeluk zit in een heel klein hoekje en als het tijdens de loopsheid de ‘juiste tijd’ is kan een teefje door een reutje gedekt worden voordat je tot 3 kunt tellen!

Cavaliers zijn over het algemeen goede eters. Pups en jonge honden krijgen nog meerdere kleine maaltijden over de dag verdeeld maar de volwassen honden krijgen meestal een of tweemaal per dag een maaltijd. Natuurlijk mag er ook af en toe een hondenkoekje gegeven worden. Maar pas op! Cavaliers hebben heerlijke snoetjes met van die grote vragende ogen en dan bestaat al snel de neiging om toch nog een extra koekje te geven.
De conclusie is: er zijn veel Cavaliers die te dik zijn! Dat is heel slecht voor zijn gezondheid. Bij de Cavalier moet je de ribben kunnen voelen maar niet kunnen zien. Gebruik bij het voeren van brokken dan ook een maatbekertje, zodat je hond iedere dag dezelfde hoeveelheid krijgt. Voer ook ‘met je ogen’ om zo  eventueel de hoeveelheid voer te kunnen aanpassen.